Volgens de Wageningse wetenschapper Marten Scheffer stevenen we met onze maatschappij af op een kantelpunt: er is zoveel onvrede dat op een gegeven moment de bom moet barsten. Maar wat komt daarna? Belanden we in een negatieve spiraal of weten we het roer om te gooien richting een rechtvaardigere wereld?
Als je in Nederland een meertje aantreft, zijn er twee mogelijkheden: of het water is helder of het is troebel. Iets ertussenin kom je zelden tegen. Waar komt dat door? En hoe verander je zo’n duister poeltje dan toch in een plas water waarin je de bodem kunt zien? Rond die vragen begon de carrière van Marten Scheffer.
Inmiddels lijkt Scheffer zich met een heel ander onderwerp bezig te houden. In zijn nieuwe boek De kanteling beschrijft hij hoe de maatschappij in de nabije toekomst abrupt kan veranderen en hoe we die verandering gunstig kunnen laten uitpakken voor de wereld en de mensheid. Een gekke draai voor een hoogleraar aquatische ecologie en waterkwaliteit? Of hebben een troebel meertje en een getroebleerde samenleving stiekem meer met elkaar te maken dan je in eerste instantie zou denken?
Fragiel evenwicht
Ja, is uiteraard het antwoord op die laatste vraag. Scheffer richt zich op zogenoemde dynamische systemen. Zo’n systeem is een complex geheel van allerlei onderdelen dat continu verandert – en die veranderingen kun je met behulp van wiskundige vergelijkingen proberen te berekenen. Daarbij kan het over van alles gaan: de hersenen, het klimaat – of een meertje vol planten, algen en vissen, of een maatschappij vol mensen.
Waar Scheffer met name in is geïnteresseerd, zijn systemen die in evenwicht lijken te zijn maar die daar gemakkelijk uit kunnen schieten. “Bij een kleine verandering in de omgeving – als bijvoorbeeld de temperatuur iets daalt of stijgt – krijg je dan een grote sprong in het gedrag van het systeem.” Een kantelpunt.
Dit is het begin van het interview met Marten Scheffer over kantelpunten. Lees het hele artikel in KIJK editie 2-2026. Bestel dit nummer in onze webshop, of eenvoudig via de link hieronder.
Beeld: Duncan de Fey