Kun je met je wil je hartslag beïnvloeden?

KIJK-redactie

2018-10-15 10:59:17

hartslag

Dat je met medicijnen je hartslag bijvoorbeeld kunt verlagen, is bekend. Maar kan je wil ook invloed hebben op je hartslag?

Met meditatietechnieken zou je je hartslag kunnen vertragen. Als je sommige yogi’s moet geloven, kun je je hart zelfs helemaal stopzetten. “Je komt een eind in de richting”, zegt neuroloog Gert van Dijk (Leids Universitair Medisch Centrum). “Maar dat gaat via een truc: je perst heel hard, met je mond en neus dicht. Door de hoge druk in je borstkas kan er tijdelijk weinig bloed naar je hart. Daardoor kan het orgaan eventjes niet goed meer pompen.” Het is overigens nadrukkelijk niet aan te raden om dit uit te proberen.

Onwillekeurig

Je hartslag wordt gereguleerd door je onwillekeurige zenuwstelsel. “Daar heb je geen rechtstreekse controle over, zoals bij het bewegen van een arm of een vinger”, aldus Van Dijk. Maar via een omweg kun je je hartslag wel beïnvloeden, vervolgt hij. Als je terugdenkt aan een afschuwelijke gebeurtenis, dan kun je emotioneel en bang worden en op die manier indirect je hartslag omhoog stuwen. Andersom zal ontspannen ervoor zorgen dat je rustig wordt, zodat je hartslag daalt.

Als er al directe beïnvloeding via de wil mogelijk is, dan is dat effect veel zwakker. “Het is wel geprobeerd. Als je mensen feedback geeft door ze live hun hartfrequentie te tonen, dan kunnen ze na wat trainen hun hartslag misschien vijf of tien slagen per minuut vertragen. Maar hoogstwaarschijnlijk doen ze dat alsnog op indirecte wijze: door te ontspannen.”

Deze vraag kon je vinden in KIJK 4/2018.

Ook een vraag voor de rubriek ‘KIJK antwoordt’? Laat hem via onderstaand formulier achter.

[contact-form-7 id=”141402″ title=”Vraag antwoord formulier”]

Tekst: Diana de Veld

Beeld: iStock/Getty Images

Ben je geïnteresseerd in de wereld van wetenschap & technologie en wil je hier graag meer over lezen? Bestel dan hier ons nieuwste nummer. Abonnee worden? Dat kan hier!







Podcast KIJK en luister via JUKE



Meer KIJK antwoordt