Waarom waarderen we dingen meer als we er veel moeite in steken?

Naomi Vreeburg

29 januari 2026 12:00

waarderen

Hoe meer tijd of geld we in iets investeren, hoe meer we dit iets uiteindelijk waarderen. Neurowetenschappers zoeken naar een verklaring voor dit fenomeen.

Ooit gehoord van verzonken kosten (sunk costs)? Dit is de tijd, het geld, de moeite die we ergens in hebben gestoken, en die we niet meer ongedaan kunnen maken. Deze verzonken kosten kunnen ertoe leiden dat we hetgeen waarin we geïnvesteerd hebben meer waarderen. Lang in de rij gestaan bij die hippe koffietent? Dan waardeer je die koffie uiteindelijk meer dan je had gedaan als je er geen tijd in had gestoken.

Neurowetenschappers doen al langere tijd onderzoek naar dit – in de dierenwereld wijdverspreide – fenomeen om te achterhalen welke processen in ons brein hier een rol bij spelen. Neir Eshel, werkzaam aan de Stanford University School of Medicine, is er daar één van. Samen met collega’s heeft hij onlangs weer een stukje van de sunk costs-puzzel gelegd.

Lees ook:

Dopamine

Een aantal jaar geleden voerden Eshel en collega’s verschillende experimenten uit om meer te leren over het verschil tussen iets willen en iets echt leuk vinden. Ze onderzochten onder meer welke rol de neurotransmitter dopamine speelt bij beide toestanden. De wetenschappers besteedden bij deze proeven ook aandacht aan de overwaardering bij verzonken kosten.

Zo lieten ze muizen verschillende keren hun snuit in een opening van een doos steken, of gaven ze zwakke tot gematigde elektrische schokjes, voordat de dieren een beloning kregen. Zodra de muizen de beloning in ontvangst namen, kwam er dopamine vrij in hun corpus stratium, een hersengebied dat onder de schors van de grote hersenen ligt.  

De onderzoekers ontdekten zo dat hoe hoger de verzonken kosten waren – in dit geval hoe vaker ze hun snuit in het gat hadden gestoken en hoe meer schokken ze hadden gekregen – hoe meer dopamine er vrij kwam. Deze resultaten publiceerden ze toen in wetenschappelijk tijdschrift Neuron.

Aanlegplaatsen

In een nieuwe studie, gisteren geplaatst in Nature, gaan de onderzoekers weer een stapje verder. Ze laten – wederom bij muizen – zien dat een andere hersenstof, acetylcholine genaamd, belangrijk is om de hoeveelheid dopamine te koppelen aan de hoeveelheid inspanning die nodig was om de beloning te krijgen.

Zenuwcellen die dopamine afgeven hebben receptoren, een soort aanlegplaatsen, waar acetylcholine op past. Zodra de hersenstof aangrijpt op deze receptoren, komt er dopamine vrij. De wetenschappers ontdekten dat grotere inspanningen leiden tot een verhoogde afgifte van acetylcholine in de buurt van deze receptoren. Wat op zijn beurt de hoeveelheid dopamine verhoogt zodra de muizen een beloning krijgen.

Met andere woorden: hoe groter de eerdere kosten om de beloning te verkrijgen, hoe intenser het genotsgevoel bij het verkrijgen ervan en hoe hoger de waarde die eraan wordt toegekend.

Beloningservaring

“Interessante studie. De experimenten lijken me solide en de conclusies goed onderbouwd”, laat Chris Klink, neurowetenschapper aan de Universiteit Utrecht, desgevraagd weten. “Ik denk alleen wel dat we een beetje op moeten passen om de resultaten te veel naar abstracte situaties in de mens te generaliseren.”

Klink legt uit: “In deze studie was de sunk cost een duidelijk fysieke inspanning. De muizen moesten een aantal keer op een hendel drukken. Voor deze vorm van inspannings-gerelateerde beloning gaan de resultaten goed op. De vraag is of dat ook zo is voor bijvoorbeeld financiële investeringen als ‘moeite’.”

“Een tweede vraag die met dierstudies niet of moeilijk beantwoord kan worden is hoe de beloningservaring is”, vervolgt de neurowetenschapper. “Betekent meer dopamine-afgifte dat de beloning ook daadwerkelijk als groter wordt ervaren? Helaas kunnen we dat muizen niet vragen en als we het zouden kunnen, is het nog maar de vraag of een proefpersoon of proefmuis dit onderscheid zelf wel kan maken.”

Rationalisatie

Jeroen Verharen, neurowetenschapper bij iota Biosciences, is het hiermee met Klink eens: “Ondanks dat het paper experimenteel sterk is, moeten we beseffen dat dit onderzoek in muizen is gedaan. Enerzijds is effort-waardering een breed fenomeen dat in veel diersoorten voorkomt en is het dopaminesysteem sterk geconserveerd tussen diersoorten, dus het is goed voorstelbaar dat vergelijkbare principes ook bij mensen spelen. Anderzijds is menselijke sunk cost-sensitiviteit veel complexer dan bij andere dieren, omdat er extra lagen meespelen in onze cognitie zoals expliciet redeneren, sociale normen en rationalisatie.”

Verder verbaast het Verharen niet dat dopamine betrokken is “bij gedrag waarbij eerdere inspanning meeweegt in hoe aantrekken een beloning voelt. We weten namelijk allang dat dopamine een centrale rol speelt in motivatie, beloningsleren en doorzettingsvermogen.” Verharen vervolgt: “Het meest interessante inzicht is dat deze effort-afhankelijke versterking van dopamine niet vanuit de dopaminecellen zelf komt, maar lokaal wordt bijgestuurd in het striatum. Dit is interessant omdat het een fundamentale verschuiving is in de gedachte dat dopamineafgifte grotendeels wordt bepaald door het vuren van dopamineneuronen.”

Bronnen: Nature, Stanford Medicine via EurekAlert!

Beeld: winhorse/getty images

Cover KIJK 2-2026

Duik in de wereld van wetenschap, technologie en ruimtevaart met KIJK! Ontdek de meest fascinerende achtergronden, baanbrekende ontwikkelingen en de spannendste verhalen uit de ruimte.

Wil jij niets missen én profiteren van een scherpe aanbieding? Word nu lid van KIJK en lees meer voor minder!

Reageren? Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

PODCAST

De inhoud op deze pagina wordt momenteel geblokkeerd om jouw cookie-keuzes te respecteren. Klik hier om jouw cookie-voorkeuren aan te passen en de inhoud te bekijken.
Je kan jouw keuzes op elk moment wijzigen door onderaan de site op "Cookie-instellingen" te klikken."