Om de winter te overleven, krimpt de schedel van een Japanse spitsmuis. Tegelijkertijd krijgt het dier een langere snuit.
Spitsmuizen houden geen winterslaap. Ze bouwen ook geen dikke vetlaag vol reserves op. Om het koude seizoen te overleven, krimpen de dieren. Organen als de lever worden kleiner, maar ook de schedel krimpt, net als de hersenen. Dat is handig, want er zijn maar weinig wormen en insecten te vinden in de winter en nu hebben de spitsmuizen minder energie nodig.
Lees ook:
- Overbevissing in Baltische Zee laat kabeljauw krimpen
- Clownvissen krimpen om hittegolven te overleven
Lange neus
Dat de dieren krimpen om te kunnen overwinteren, was al langer bekend. De Poolse bioloog August Dehnel ontdekte de tactiek in 1949. Ook woelmuizen kennen de truc, net als hermelijnen, wezels en de mol onder het gazon. Een nieuwe ontdekking is dat de spitsmuis Sorex unguiculatus zijn neus juist laat groeien.
De onderzochte spitsmuis leeft in het noordoosten van Azië, in China, Rusland, Noord-Korea en op een aantal Japanse eilanden. Specifiek keken de biologen naar een spitsmuizensoort op het eiland Hokkaido. Ze namen 136 schedels onder de loep uit de collectie van de botanische tuin van Hokkaido University. Van alle schedels was de datum bekend waarop de dieren gevangen en gedood waren.
De spitsmuizen leven doorgaans maar een jaar. Ze worden geboren in de lente en bereiken hun maximale grootte in de vroege zomer. Waar andere zoogdieren vervolgens een dikke laag vet opslaan als wintervoorraad, beginnen de spitsmuizen juist te krimpen, zo wezen de metingen uit.
Voorverwarmd
Met een kleiner lijf hebben de dieren minder voedsel nodig. Dat komt van pas in de winter. Maar hun snuit blijkt juist te groeien. Dat kan verschillende voordelen hebben. Zo werkt de neus als voorverwarmer van ingeademde lucht. Het is volgens de biologen de beste verklaring voor de langere winterneus. Een andere verklaring kan zijn dat het met een lange neus beter lukt om het schaarse voedsel te vinden.
Als ze de winter overleven, beginnen de spitsmuizen in het voorjaar weer te groeien. Intussen wordt hun snuit juist korter. Ten slotte krijgen de dieren jongen waarna de meeste spitsmuizen overlijden.
Tot nu toe waren vooral Europese spitsmuizen onderzocht. Deze studie is de eerste die kijkt naar het krimpen van een Aziatische soort. Een van de redenen om het krimpen en het teruggroeien van organen te bestuderen, is dat het wellicht kennis kan opleveren over het herstellen van organen en andere weefsels na bijvoorbeeld ziekte.
Bron: Proceedings B