Zodra er op een regenachtige dag druppels uit de lucht vallen zie je op straat de eerste paraplu’s openklappen. Sinds wanneer gebruiken we dit voorwerp?
Het wordt een beetje een kip-of-ei-verhaal, maar de parasol is waarschijnlijk eerder uitgevonden dan de paraplu. Een niet-zongebruinde huid was in veel culturen en tijdperken een statussymbool, die wilde je als lid van de heersende klasse behouden. De oudst bekende parasols stammen dan ook uit het Oude Egypte. Op reliëfs uit de periode rond 2450 v.Chr zie je hofdienaren afgebeeld met bossen palmbladeren of gekleurde veren die aan een stok waren gebonden en die je ook als waaier kon gebruiken. We vinden parasols verder in Perzië, bij de Azteken, bij de Ashanti (Ghana) en in China.
Lees ook:
IJsmummie
Niet dat mensen zich in de afgelopen millennia wél graag lieten natregenen. Ötzi, de 5300 jaar oude ‘ijsmummie’ die in 1991 in de Alpen is gevonden, had namelijk prehistorische regenkleding bij zich. Bij zijn uitrusting is een stugge cape van getwijnd gras gevonden die hem als een draagbaar tentje drooghield – volgens sommige archeologen ook zijn hoofd.
Boze koetsiers
De paraplu zoals we hem nu kennen verscheen pas rond 1750 op de Europese straten en dan alleen nog in de handen van dames uit de hogere kringen. Dat mannen ze nu ook gebruiken hebben we te danken aan de Britse handelaar Jonas Hanway, die zich er in 1760 als eerste man mee naar buiten waagde. Hanway werd hierop door huurkoetsiers uitgescholden, bekogeld met vuilnis of mishandeld. Zij zagen de paraplu als concurrentie, omdat mensen bij slecht weer geen rijtuig meer namen maar met regenscherm zelf gingen wandelen. Hanway heeft met zijn paraplu heel wat boze koetsiers van zich af geslagen.
Deze vraag kon je vinden in KIJK 11-12/2025.

Ook een vraag voor de rubriek ‘KIJK Antwoordt’? Mail hem naar info@kijkmagazine.nl. En in onze special geven we antwoord op 172 bijzondere, verrassende en boeiende vragen! Bestel hem hier!
Tekst: Margot Reesink
Beeld: James Gillray