Waarom bestaan schijnzwangerschappen?

Naomi Vreeburg

12-12-2022 15:00:00

schijnzwangerschap

In gewicht aankomen, vermoeidheid, groter wordende borsten die melk gaan produceren, vaker plassen. Het zijn allemaal symptomen van een zwangerschap, maar bij een zogenoemde schijndracht ontbreekt toch echt iets essentieels: de baby in wording.

Medewerkers van Dierenpark Amersfoort kregen hier een kleine twee jaar geleden ook mee te maken bij olifant Indra. Het dier vertoonde al een tijd lang zwangerschapssymptomen, maar kwam steeds verder over haar uitgerekende datum. Een inwendige echo liet uiteindelijk zien dat de olifant helemaal niet zwanger was.

Lees ook:

Olifanten zijn niet de enige diersoorten die schijndracht vertonen. Maar wat is het evolutionaire nut van dit gedrag? “Schijnzwangerschappen komen voor zover ik weet alleen voor bij ‘sociale broeders’, zoals we dat noemen”, zegt Claudia Vinke, gedragsbioloog aan de Universiteit Utrecht. “Oftewel: zoogdiersoorten die voor elkaars jongen moeten en zullen zorgen in tijden van schaarste en dreiging.”

Schijndracht komt hierbij van pas. “Hierdoor wordt de kans op overleven van de reeds aanwezige nakomelingen namelijk groter.” Vinke legt dit uit aan de hand van hondachtigen. “Gebrek aan voedsel kan ervoor zorgen dat van de twee teefjes in een roedel er slechts eentje een nestje krijgt. Het ‘puploze’ vrouwtje kan vervolgens schijndracht gaan vertonen.” Daardoor wil ook zij de jongen beschermen, en maakt ze melk voor hen aan. “Katten hebben van origine een overwegend solitaire levensstijl en zijn solitaire jagers”, zegt Vinke. Daarom komt schijndracht bij katachtigen minder vaak voor; ze hoeven elkaar simpelweg minder vaak uit de brand te helpen.

Deze vraag kon je vinden in KIJK 5/2022.

Ook een vraag voor de rubriek ‘KIJK Antwoordt’? Mail hem naar [email protected]. En in onze nieuwste special geven we antwoord op 197 bijzondere, verrassende en boeiende vragen! Bestel hem eenvoudig en snel via onderstaande knop.

Beeld: Shutterstock



Podcast KIJK en luister via JUKE






Meer KIJK antwoordt