‘Hoofdluizenlijm’ biedt kijkje in mummie-DNA

Karlijn Klei

30-12-2021 12:00:00

hoofdluis

Op zoek naar mummies met hoofdluis! Uit het goedje waarmee de beestjes hun eitjes vastplakken, zouden we namelijk menselijk DNA kunnen halen.

Het begint al te kriebelen bij de gedachte. Hoofdluis, de parasitaire insectjes die zich met veel plezier in je haardos nestelen, en daar een hoop jeuk veroorzaken, zijn we liever kwijt dan rijk. Althans, dat geldt voor de meesten van ons: een groep onderzoekers uit het Verenigd Koningrijk, Denemarken en Argentinië denkt daar waarschijnlijk anders over. Uit het lijmachtige goedje waarmee de beestjes hun eitjes in je haar plakken, wisten zij namelijk genetisch materiaal te halen. En niet zomaar materiaal: DNA van 1500 tot 2000 jaar oude mummies.

Lees ook: Kunnen hoofdluizen springen?

Genetische code

Onderzoekers zijn razend nieuwsgierig naar het genetisch materiaal van onze voorouders. Dat leert ons immers over hoe zij leefden. En hoewel we dat interessante materiaal, zoals DNA, uit overblijfselen van die oermensen kunnen halen, gaat dan niet altijd even goed. Zo is het materiaal vaak onvolledig en kunnen de resten, zoals botten en tanden, beschadigd raken.

Wetenschappers zijn dan ook continu op zoek naar minder invasieve manieren om een duik te nemen in de genetische code van onze voorouders. Verschillende onderzoeksgroepen wendden zich hiervoor tot parasieten. Die leven immers zo nauw met hun gastheer (lees: met ons) dat ze in veel gevallen een beetje van hen in zich dragen.

Luizenlijm

De onderzoekers achter de nieuwe studie keerden zich tot de hoofdluis (Pediculus humanus capitis). Het parasitaire insectje leeft van ons bloed dat hij met zijn steeksnuit opzuigt. Hoewel buitengewoon irritant, is het plaaginsect ongevaarlijk.

De onderzoekers analyseerden de onderzoekers de overblijfselen van acht Zuid-Amerikaanse mummies. Bij twee daarvan wisten ze zowel nucleair menselijk DNA te verzamelen als mitochondriaal hoofdluis-DNA. Dat genetisch materiaal haalde het team uit het lijmachtige goedje waarmee de luizen hun eitjes – de neten – aan de haren plakken. Daarbij worden ook menselijke huidcellen van de hoofdhuid ingekapseld en blijft het menselijk DNA bewaard.

Duik in het verleden

De samples bevatten volgens de onderzoekers dezelfde concentratie DNA als men doorgaans uit een tand haalt, en pakweg twee keer zoveel als uit botresten. Met het DNA wist het team onder meer af het geslacht van de gemummificeerden af te leiden en vast te stellen dat ze deel waren van een groep mensen die rond 2000 jaar geleden in de Amazone woonden.

De onderzoekers zijn enthousiast over hun bevindingen, maar erkennen een forse kanttekening: de techniek werkt alleen op menselijke resten met (voldoende) neten. Lang niet alle overblijfselen – denk aan skeletten – zullen de beestjes huizen. Toch ziet het team een toekomst voor de techniek. Hoofdluis gaat immers al even mee, en de onderzoekers vermoeden dat er in museumcollecties veel (resten van) oermensen zullen liggen die door de plaaginsectjes geteisterd werden.

Bronnen: Journal of Molecular Biology and Evolution, The Guardian

Beeld: Gilles San Martin/Flickr;

Ben je geïnteresseerd in de wereld van wetenschap & technologie en wil je hier graag meer over lezen? Word dan lid van KIJK! 



Podcast KIJK en luister via JUKE







Meer Mens

NIEUW!

De nieuwste editie van KIJK is nu verkrijgbaar