Wat als de mensheid uitsterft?

Marysa van den Berg

25-01-2023 12:00:00

uitsterft

Hoe dichter de wijzers van de doemdagklok (Doomsday Clock) bij middernacht staan, hoe slechter het zou gaan met de mensheid. Hoewel de denkbeeldige klok al zo’n vier jaar stilstaat, hebben wetenschappers gisteren een zwengel aan de wijzers gegeven. Inderdaad, dichter naar middernacht toe. Dat brengt ons op de vraag: wat als de mensheid zich daadwerkelijk in de vernieling helpt, en uitsterft?

Stel, de mens verdwijnt plotseling. Het eerste wat er dan gebeurt, is dat de aarde één grote crashsite wordt. Auto’s botsen op elkaar, vliegtuigen vallen uit de lucht. Binnen enkele uren houden energiecentrales ermee op, wanneer er geen brandstoffen meer worden aangeleverd. Olieraffinaderijen en chemische fabrieken worden tikkende tijdbommen. Wanneer de stroom uitvalt en er door overbelasting een te hoge druk ontstaat, breken er allesvernietigende branden uit die giftige troep, zoals blauwzuur en dioxinen, de lucht in jagen. En dan hebben we het nog niet eens over de tanks waarin vloeibare brandstoffen onder hoge temperatuur zijn opgeslagen. Wanneer de bodems door gebrek aan onderhoud na verloop van tijd doorroesten, lekt de giftige inhoud in de grond.

Maar dat is niet het enige gevaar voor de natuur. We laten ook nog honderden kerncentrales achter. Na ruim een week zet zich een onvermijdelijk rampproces in gang. Doordat het water in de koelbassins niet meer wordt aangevuld en de veiligheidsapparatuur door gebrek aan stroom niet meer werkt, zal het water gaan koken en verdampen. De damp bereikt op een gegeven moment de gebruikte splijtstof in de opslagplaatsen, die vervolgens vlamvatten. De ontstane radioactieve brand zal binnen enkele uren de bovenkant van de reactor wegvreten, waarna de kern begint te smelten: een meltdown. Door oververhitting van de brandstoftanks ontstaan explosies en de ramp is compleet.

Lees ook:

Groene oase

Beide tijdbommen, chemische fabrieken en kerncentrales, zaaien met hun verstikkende giftige dampen, radioactiviteit en explosies in een omtrek van enkele tientallen kilometers dood en verderf. Toch herstelt de natuur zich verrassend snel van deze klap. Dit zie je bijvoorbeeld terug na de kernramp in Tsjernobyl in 1986. “Het uiteindelijke effect is positief voor planten en dieren als je kijkt naar het aantal en de diversiteit van soorten”, zegt omgevingsbioloog Ronald Chesser. Hij onderzoekt hoe de natuur zich herpakt in het reactorgebied. “In Tsjernobyl zelf zie je nu kersenbomen met heerlijke kersen, en rozenbomen met venijnige stekels die tot gigantische afmetingen zijn gegroeid. In alle 126 verwoeste dorpen rondom de centrale vind je vleermuizen in appartementen, valken die op balkons nestelen, wilde zwijnen die in tuinen rondstruinen, en vossen en wolven die in kelders schuilen.”

Als de mens uitsterft zullen uit olieraffinaderijen veel giftige gassen vrijkomen.
Wanneer de mens uitsterft, leveren olieraffinaderijen een gevaar op voor de natuur, doordat er allerlei giftige gassen en vloeistoffen vrijkomen. © Getty Images

Kortom: als de mens uitsterft, verandert de aarde in één grote, groene oase. Het begint al met de landbouw- en veegronden, waarmee wij meer dan een derde van het landoppervlak hebben bedekt. Een experiment van eind negentiende eeuw in het Engelse Rothamsted liet zien wat er gebeurt als de mens een stukje wintertarweveld volledig met rust laat. De tarwe bleef nog vijf jaar spontaan opkomen, maar al na twee jaar verscheen berenklauw. Binnen tien jaar begonnen zaailingen van de hazelaar, es en eik wortel te schieten. Nu staat er al ruim honderd jaar een hecht bos. De verwachting is dat Europa, dat grotendeels bestaat uit een lappendeken van landbouw- en veegronden, zonder de mensen binnen duizend jaar weer in een oerbos verandert, zoals het enkele duizenden jaren geleden was.

Ook hele steden ontkomen niet aan de invasie van de natuur nadat de mens is verdwenen. Het begint met onkruid, dan volgen zich snel vermenigvuldigende (vooral exotische) plantensoorten afkomstig uit tuinen en parken, zoals de Chinese hemelboom, en daarna bomen als de eik en de esdoorn. Die beginnen uit gaten in de straten te groeien, en later uit huizen zelf. Dieren, groot en klein, vinden onderdak in allerlei gebouwen.

Kunst als maaltijd

Toch is het een kwestie van tijd voordat de dieren hun schuilplaats moeten opgeven. Onze bouwsels storten namelijk op een gegeven moment allemaal in. Het begint met het dak. De houten draagconstructie wordt onvermijdelijk aangetast door vocht en schimmel en bezwijkt binnen vijftig jaar nadat de mens is heengegaan. Bakstenen en betonnen muren worden eveneens geteisterd door weer en wind, waarna er steeds meer barsten ontstaan. Hele wolkenkrabbers vallen in minder dan een eeuw om.

In steden als Londen, Moskou, New York en Washington storten de metrotunnels al binnen twintig jaar in. Omdat de pompen niet meer werken, baant het bodemwater zich een weg naar de tunnels. Nadat het wegdek het begeeft, zullen de straten in rivieren veranderen. Ook menselijke monumenten zoals de Eiffeltoren in Parijs ontkomen niet aan het verval. Na twee eeuwen heeft de regen de beschermende verf van de toren weggespoeld en hebben de elementen vrij spel op het metalen raamwerk. Een eeuw later stort de Franse trots als een kaartenhuis in elkaar.

Als de mens uitsterft zal de meeste kunst vergaan. Aardwerken zoals dit Boeddhabeeld blijven wel lang heel.
De meeste kunst vergaat zonder de aanwezigheid van de mens al snel. Een van de uitzonderingen zijn aardewerken voorwerpen zoals dit Boeddhabeeld. Mits ze heel blijven natuurlijk. © Getty Images

De kunst is ten dode opgeschreven. In musea wordt gezorgd voor klimaatbeheersing, maar zonder elektriciteit is de weg vrij voor vocht, schimmel en de zwarte tapijtkever om zich een weg te vreten door schilderijen en andere kunstuitingen. Alles wat elektronisch is opgeslagen, op dvd’s of harde schrijven, zal het eveneens moeten ontgelden.

Blijft er nog wel iets over van ons menselijk bestaan? Ja; alles wat van edele metalen, zoals goud en platina, is gemaakt, zal altijd blijven bestaan, evenals keramiekproducten (gemaakt van mineralen). Ook bronzen beelden zullen het lang uitzingen. Maar vooral één typisch menselijk product is niet kapot te krijgen: plastic. In de loop der tijd zullen microben leren het plastic te verteren – zoals ze dat ook ooit met plantaardige vezels deden -, maar dit kan wel meer dan 100.000 jaar duren.

Broeikasverademing

Plastics zijn niet de enige producten van de mensheid. Ook broeikasgassen, waarvan koolstofdioxide de belangrijkste is, zijn dat. We pompen elk jaar zo’n 37 miljard ton koolstofdioxide in de lucht. Met opwarming van de aarde, en een stijging van de zeespiegel tot gevolg. Maar wat gebeurt er met het broeikaseffect wanneer de mens uitsterft en dus nooit meer kolen, aardolie en aardgas verbrandt?

“In de komende paar honderd jaar zal ongeveer 80 procent van alle koolstofdioxide die we sinds de achttiende eeuw hebben geproduceerd in de oceanen oplossen. Daardoor verzuurt het zeewater”, zegt de Nederlandse klimaatwetenschapper Pieter Tans, werkzaam bij het Amerikaanse NOAA. De overige 20 procent moet via een andere manier oplossen in zee, legt hij uit. “Het opgeloste koolstofdioxide in regendruppels reageert met kalksteen, de versteende overblijfselen van zeedieren. Daardoor krijg je een grotere hoeveelheid calcium in zee, wat de verzuring weer neutraliseert. Dit is een erg traag proces; het kan wel 100.000 jaar duren voor de concentratie koolstofdioxide weer terug is op het niveau van vóór de mens begon met uitstoten.”

Als de mens uitsterft zijn doorgeroeste treinstellen veel voorkomen
Een overwoekerd spoor met doorgeroeste treinstellen zal een veel voorkomend beeld zijn, enkele tientallen jaren nadat de mens is verdwenen. © Getty Images

Maar de mensheid heeft veel meer verandering in de atmosfeer veroorzaakt dan alleen extra koolstofdioxide. “Er zijn meer dan een dozijn industriële gassen”, zegt Tans. “Een aantal daarvan heeft bijgedragen tot de verdunning van de ozonlaag, andere zijn erg giftig en vele zijn ook broeikasgassen. Sommige verdwijnen binnen tien jaar, andere blijven wel duizenden jaren aanwezig in de atmosfeer.” Het duurt dus even, maar dan heb je ook wat: een schone lucht en een natuurlijk klimaat. Een verademing voor plant en dier.

Een nieuwe wereld

Nu planten en dieren het rijk volledig voor zichzelf hebben, is het de vraag hoe zij verder evolueren in loop der tijd. Stel, we trekken nu allemaal weg van de aarde en komen over vijf miljoen jaar een kijkje nemen. “Ik verwacht dat 95 procent van de planten- en diersoorten grotendeels gelijk is aan die van vandaag de dag. De rest zal zich op een fantastische, vaak onvoorspelbare manier hebben aangepast aan de omgeving”, vertelt omgevingsbioloog Chesser.

“Planteneters zullen er zijn in gigantisch grote kuddes, doordat zij veel meer ruimte hebben om te grazen dan voordat de mens uitstierf. Roofdieren zullen dus de grootste drang hebben om zich aan te passen. Ik verwacht dat er grote, in een groep jagende vogels zullen ontstaan. Ze zullen niet kunnen vliegen, maar bezitten wel angstaanjagende snavels en scherpe klauwen om de prooi tezamen neer te halen.”

Een van die fantastische nieuwe diersoorten zou weleens intelligent kunnen worden; misschien zo intelligent als de mens. Daarmee zouden we een nieuwe dominante soort krijgen op aarde. Daar zijn wel een paar voorwaarden voor nodig. Ten eerste zal het een sociale soort moeten zijn, dieren die communiceren en samenwerken. Daarnaast moeten ze ook de mogelijkheid bezitten om werktuigen te leren gebruiken om de natuur naar hun hand te zetten. “Op basis daarvan voeren apen de bovenhand met hun intelligentie en potentiële technologieontwikkeling”, zegt Chesser, “maar vlak vogels niet uit. Zij kennen een ingewikkelde sociale structuur, zijn bovengemiddeld intelligent en gebruiken op een slimme manier takjes en dergelijke om aan voedsel te komen. Ik denk dat vooral kraaien en raven een goede kans maken.”

Troosteloos?

Miljoenen jaren nadat wij zijn uitgestorven, zal er maar bitter weinig over zijn van de menselijke glorie. Een toekomstige dominante en intelligente soort zou hooguit botten, plastic onderdelen, sieraden en keramieken producten (mits niet gebroken) van ons vinden. Een troosteloos uitzicht voor de mens, maar een grote overwinning van de natuur.

Dit artikel stond ook in KIJK 3/2014.

Beeld (header): André Kesseler

Ben je geïnteresseerd in de wereld van wetenschap & technologie en wil je hier graag meer over lezen? Word dan lid van KIJK! 



Podcast KIJK en luister via JUKE






Meer Artikelen