Handig hoor, even iets aan ChatGPT vragen. Maar al die AI-toepassingen vreten elektriciteit. Om die hausse in stroomverbruik te temperen, werkt de Twentse natuurkundige Wilfred van der Wiel aan energiezuinige computerchips. Zijn inspiratie? Ons eigen brein.
Wie een paar jaar geleden dacht ‘dat het wel niet zo’n vaart zou lopen’ met kunstmatige intelligentie (AI), zat er goed naast. Inmiddels grijpt menig computergebruiker naar AI-assistenten zoals ChatGPT, ondersteunen slimme algoritmen onze zoektocht op het internet en zijn creatieve plaatjes, kiekjes en filmpjes in een handomdraai gemaakt met AI-beeldgeneratoren. Maar wat we daarbij soms vergeten, is dat al deze digitale hulp ook een prijskaartje heeft – en dan gaat het niet alleen over de portemonnee.
Door het toenemende gebruik van AI is ons energieverbruik namelijk ontploft. De afgelopen jaren schoten datacenters, die de complexe achterliggende berekeningen uitvoeren, als paddenstoelen uit de grond. De hoeveelheid elektriciteit die daarbij komt kijken, is gigantisch. Zo overwegen sommige bedrijven die hun rekenfaciliteiten draaiende willen houden zelfs om kerncentrales aan te schaffen.
Op dit moment gebruiken datacenters wereldwijd ongeveer net zoveel elektriciteit als heel Frankrijk. In het komende decennium zal dit naar schatting toenemen tot het equivalent van het verbruik van Japan. En ook dan is het einde nog niet in zicht. “Die trend is gewoon niet vol te houden. We zullen fundamenteel nieuwe computers nodig hebben om ons AI-gebruik te ondersteunen”, zegt natuurkundige Wilfred van der Wiel.
Lees ook:
- Deze computerchips werden slechter gemaakt voordat ze naar de klant gingen
- Kunnen computerchips nog steeds sneller worden?
Energiezuinige computerchips
Hoewel de industrie hard inzet op het efficiënter maken van huidige algoritmen en hardware, betwijfelt Van der Wiel of die aanpak op de lange termijn volstaat. Zelf werkt hij daarom aan een nieuw soort computerchips, waarmee andere wegen te bewandelen zijn. “Momenteel is veel AI zo ingericht dat het zware rekenwerk plaatsvindt in datacenters – de cloud – waar gespecialiseerde chips enorme hoeveelheden energie verbruiken om berekeningen uit te voeren. Daarbovenop komt het transport van gegevens van en naar die datacenters. Samen zorgt dat voor een snel oplopend energieverbruik. Een belangrijke stap vooruit is het ontwikkelen van chips die dit soort berekeningen veel energiezuiniger uitvoeren en bovendien klein genoeg zijn om ook lokaal ingezet te worden. Met de huidige chips is dat slechts beperkt mogelijk.”
Met zijn Twentse onderzoekscentrum BRAINS werkt Van der Wiel daarom aan energiezuinige computerchips die dit wel moeten kunnen. Daarbij laat hij zich inspireren door een van de meest efficiënte rekenkamers uit de natuur: het brein. Zo draaien onze hersenen naar schatting op slechts 20 watt aan vermogen – wel honderd keer minder dan wat een stofzuiger nodig heeft.
Dit is het begin van het interview Wilfred van der Wiel. Het hele artikel lees je in KIJK editie 5 van 2026.

Bestel KIJK editie 5 van 2026 in onze webshop, met gratis verzending binnen Nederland.