Om je werkweek goed te starten, elke maandag een tof wetenschappelijk of technisch beeld op onze site. Deze keer: wetenschappers leren vogels migreren.
De heremietibis leefde ooit in Zuid- en Centraal Europa. Maar door stroperij, klimaatverandering (Europa zat in een mini-ijstijd) en veranderingen in hun leefgebied zijn ze ongeveer vierhonderd jaar geleden verdwenen uit ons continent. Ook in West-Azië zijn de populaties flink gekrompen of zelfs uitgestorven. Tegenwoordig leven er vooral in Marokko nog wilde heremietibissen.
Het Waldrappteam, een Oostenrijkse natuurbeschermings- en onderzoeksorganisatie (Waldrapp is de Duitse naam voor de heremietibis), probeert deze vogels te herintroduceren in Europa.

Lees ook:
- Duiven navigeren met behulp van magnetische sensoren in hun lever
- Deze Australische mot navigeert met behulp van de sterrenhemel
Migreren kun je leren
Uit fossielen en historische bronnen weten we dat de vogels vroeger broedden in de bergen van Oostenrijk, Zwitserland, Duitsland en Noord-Italië. In de winter vlogen ze waarschijnlijk naar het warmere Zuid-Europa of Noord-Afrika. Jonge vogels leren deze migratieroutes normaal gesproken van ervaren volwassenen. Maar in de herintroduceerde kolonies ontbreekt die kennis. Het Waldrappteam moet de vogels de route dus zelfs aanleren.
Daarom vliegen de teamleden in een paratrike, een soort gemotoriseerde parachute, met zo’n 45 kilometer per uur van Zuidoost-Duitsland naar Zuidwest-Spanje (met meewind behalen ze soms snelheden van 100 kilometer per uur). De ibissen zijn opgevoed door menselijke verzorgers, waardoor ze hun ‘pleegouders’ graag volgen wanneer zij in het ultralichte luchtvaartuig zitten. De reis van ongeveer 2800 kilometer duurt zo’n vijftig dagen.

Succes!
Het team heeft al meer dan zestien migratietochten begeleid, naar Spanje en Italië. En dat lijkt zijn vruchten af te werpen. Heremietibissen die na deze training in het wild zijn uitgezet, lijken uit zichzelf te migreren, zonder hulp. En nog belangrijker: jonge vogels die worden geboren in de nieuwe wilde Europese kolonies vliegen achter de ervaren vogels aan. De kennis wordt dus doorgegeven aan de volgende generaties. Omdat de kolonies nog klein en kwetsbaar zijn, blijft het Waldrappteam voorlopig nieuwe vogels trainen en uitzetten.
Student Gunnar Hartmann werkt als vrijwilliger voor het Waldrappteam. Zijn taak is om te helpen bij het plannen van de route en de reis op beeld vast te leggen. De foto bovenaan dit artikel maakte Hartmann in Spanje en zond hij in voor de Scientists at Work-fotocompetitie van het wetenschappelijke tijdschrift Nature. Daarmee won hij de eerste prijs.

Bronnen: Scientists at Work, Waldrappteam